Bij welke opname moet je beginnen?

Je kent het misschien wel: je wilt een bepaald muziekstuk eens beluisteren, maar er zijn zo veel opnamen te vinden, dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Bij welke opname moet je nu beginnen als je een stuk wilt ontdekken? NPO Radio 4 wijst je de weg.

In dit artikel:

De Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach (1685-1750), volgens velen een van de mooiste meesterwerken van een van de grootste componisten uit de barokperiode.

Wat is de Matthäus-Passion?

  • Een Passie is een werk over het lijdensverhaal van Jezus Christus, verteld volgens een bepaald Evangelie, in dit geval die van Matthäus. Bach heeft ook een Johannes-Passion gecomponeerd.
  • De Matthäus-Passion wordt altijd uitgevoerd door twee orkesten en twee koren. Daarbij vervullen zangsolisten de verschillende rollen in het lijdensverhaal.
  • Het werk werd waarschijnlijk voor het eerst uitgevoerd op Goede Vrijdag 11 april 1727. Na Bachs overlijden raakte het in de vergetelheid, totdat Felix Mendelssohn het werk herontdekte.

Video: Nederlandse Bachvereniging

Niet alleen CD-opnamen, maar ook video-opnamen zijn het waard om te beluisteren én te bekijken. Zoals deze van de Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Jos van Veldhoven. Zo kun je niet alleen horen, maar ook zien hoe de muziek wordt gemaakt.

Historische uitvoeringspraktijk

De Matthäus-Passion werd lang niet altijd zo gespeeld en gezongen als vandaag de dag. Als je naar een recente opname van het stuk luistert, hoor je meestal instrumenten(replica's) uit de tijd van Bach. Die instrumenten klinken heel anders dan moderne instrumenten: zo hebben ze een zachtere en meer transparante klank en zijn ze een halve toon lager gestemd. Ze zien er anders uit en musici moeten het instrument ook iets anders bespelen. Het idee achter deze zogeheten historische uitvoeringspraktijk: zo dicht mogelijk komen bij hoe de muziek heeft geklonken in de tijd dat het werd gecomponeerd.

Wist je dat...

...de historische uitvoeringspraktijk is ontstaan in de jaren '60? Een groep musici, waaronder dirigent Frans Brüggen, vond dat oude muziek gespeeld op moderne instrumenten en met hedendaagse ideeën "van A tot Z gelogen" was.

Van Nederlandse bodem

Er zijn veel Matthäus-opnamen van Nederlandse bodem. Nederland heeft namelijk al jarenlang een Matthäus-traditie: ieder jaar rond Pasen voeren zowel professionele musici als amateurs in grote getale Bachs meesterwerk uit. Toonaangevend in het uitvoeren van Bachs muziek is onder andere Ton Koopman. Koopman, die Frans Brüggen als leraar had, heeft veel onderzoek gedaan naar de religieuze muziek van Bach, wat hem in 2000 een eredoctoraat aan de Universiteit Utrecht opleverde. Hij is een van de pioniers in de historische uitvoeringspraktijk. Met zijn eigen opgerichte Amsterdam Baroque Orchestra & Choir maakte hij in 2005 deze schitterende live-opname. 

De mini-Matthäus Paul McCreesh

Een andere dirigent die de Matthäus-Passion zo authentiek mogelijk wil uitvoeren is Paul McCreesh. Maar daar heeft hij een andere blik op dan Ton Koopman. In de opname van McCreesh uit 2003 met de Gabrieli Players zijn de koren solistisch bezet, dus één persoon per zangpartij. Er wordt namelijk gezegd dat Bach de voorkeur gaf aan koren met een solistische bezetting. Omdat Bach zijn stukken op een kerkorgel speelde, heeft McCreesh de orgelpartij ook door een kerkorgel laten spelen in plaats van het gebruikelijke kistorgel, dat veel kleiner is van formaat en geluid. Toch is er nog veel discussie of deze theorieën wel kloppen. Maar het levert in ieder geval een mooie en bijzondere opname op.

Vergelijk de uitvoeringspraktijk

Vergelijk de bovenstaande historisch geïnformeerde opnames maar eens met de deze oudere opname uit 1971 van het Münchener Bach Orchester & Chor onder leiding van Karl Richter. Dit orkest speelt hier op moderne instrumenten en met een volle toon. Op deze manier wordt oude muziek eigenlijk niet meer uitgevoerd - dit is vooral besteed aan muziek uit de romantische perdiode en daarna. Die volle toon komt onder andere door het vibrato van de strijkers, het doen trillen van de toon met je linkerhand, wat op deze opname goed kunt zien en horen. Dit is iets wat bij de historische uitvoeringspraktijk juist niet veel wordt gedaan.

Terug naar Luisteren