Kunstenfestival de Biënnale van Venetië reikte vorige maand een ‘Gouden Leeuw’ uit voor het landenpaviljoen van Litouwen… een groot compliment voor de opera/muziektheatervoorstelling die daar plaatsvindt: Marina. Het paviljoen is volgestort met zand en er klinkt geruis van de zee. Figuranten en zangers liggen op strandstoelen en wandelen rond, en barsten regelmatig uit in een aria of koorzang. Toeschouwers bekijken de scène vanaf een balkon. En toeschouwers zijn er genoeg, zeker nu de voorstelling een prijs heeft gekregen. 

Maar ondanks dat kampt het paviljoen met geldgebrek, zo meldt de New York Times. Eerst waren er dagelijks voorstellingen, 8 uur lang, en kwam er vier keer per week een verse cast uit Litouwen. Dat bleek veel te duur. Marina is nu nog maar 1 dag per week te zien, met een lokale cast. En zelfs dat dreigt te duur te worden. 

De overige dagen is het paviljoen wel open. Er zijn dan geen strandgasten. Volgens de curator is ook dát zinvol: “Het maakt duidelijk dat podiumkunsten niet altijd de steun krijgen die nodig is.”