Even voorstellen
Ruben Wijlacker (1994) is een schrijver en muzikant uit Utrecht. Wijlacker heeft begin dit jaar zijn debuutroman ‘De protodood in zwarte haren’ samen met kunstenaar Sven Signe den Hartogh uitgebracht. Het boek gaat over een Spaanse kunstenaar die in 1924 een ongezonde obsessie met abstracte kunst ontwikkelt. Hij wil niet alleen zijn werk, maar ook zijn leven abstraheren, waardoor hij uiteindelijk probeert om de fysieke realiteit te doorbreken. 

Thema’s als vervreemding, angst en erotiek zijn terug te vinden in zowel het muzikale als literaire werk van Wijlacker. Met zijn band Grey Aura werkt hij momenteel aan een conceptueel dubbelalbum, waarbij er verschillende uithoeken van extremiteit worden verkend. Het uitbeelden van diepgewortelde angsten en dwanggedachten is voor Wijlacker een manier om het onderbewustzijn te verkennen en vrede te sluiten met de donkere kant van de geest.

Atelierplan
Mijn plan is om een kort verhaal of novelle te schrijven. Het verhaal gaat over een man die achtervolgd wordt door angstgevoelens. Deze angsten zijn gekoppeld aan de kinderkamer van zijn ouderlijk huis. Wanneer de man plotseling een week lang op het huis moet passen, probeert hij zich aan deze angsten bloot te stellen, door zichzelf op te sluiten in de kinderkamer. In eerste instantie lukt dat hem niet, maar hoe langer hij in de kamer verblijft, hoe meer de ruimte om hem heen verandert in een puzzel, met de meubels als puzzelstukjes. Uiteindelijk lukt het de man om zijn kamer in een perfecte staat van disharmonie te brengen, waardoor hij geconfronteerd wordt met iets wat zich al heel lang in zijn onderbewustzijn heeft schuilgehouden.

Om mijn plan te realiseren, ga ik dagelijks ongeveer vierduizend woorden schrijven. Aan het eind van de week zou ik dan zo’n twintigduizend woorden moeten hebben. Dat is vrij ambitieus, maar ik wil gebruikmaken van de mogelijkheid om hard te werken en mijzelf onder te dompelen in het verhaal. Net als de protagonist van het verhaal, zal ik zelf ook proberen om de inrichting van het atelier elke dag iets te veranderen, om te kijken wat voor invloed dit op mij heeft.

Dag 1 - Maandag 25 maart
Ik ben vandaag rond 15:00 begonnen met schrijven. Ik had mij voorgenomen om zo’n vierduizend woorden per dag te schrijven, maar wegens de zware thematiek ga ik dat misschien niet halen. Na zo’n drieduizend woorden merkte ik dat het zwaar was om verder te werken, omdat ik werd meegezogen in de sfeer van het verhaal. Ik raakte daardoor in paniek. Dat is iets waar ik in het vervolg rekening mee moet houden. Misschien dat ik iets moet meenemen om mezelf tijdens pauzes mee af te leiden.

Het schrijven zelf gaat erg goed. Ik heb veel inspiratie en merk dat het verhaal al redelijk wat vorm begint te krijgen. Ik kijk er erg naar uit om morgen door te werken en de personages verder te ontwikkelen. Ook zal ik morgen beginnen met het verplaatsen van meubels in het atelier. Dat is een van de dingen die de protagonist van mijn verhaal doet, om een staat van ‘perfecte disharmonie’ in een ruimte te bereiken.

Dag 2 - Dinsdag 26 maart
Ik ben vandaag rond het middaguur begonnen met schrijven. In eerste instantie zag ik er enigszins tegenop. Dat had voornamelijk te maken met de intensiteit van de vorige dag. Toen ik eenmaal begon, kwam ik echter in een aanzienlijk betere gemoedstoestand. Ik beleefde plezier aan het verkennen van het donkere onderwerp. Het lukte me daarom om 5000 woorden te schrijven, waardoor ik mijn achterstand van gisteren als het ware heb ‘ingehaald’. Ik ben benieuwd of ik de komende dagen even productief zal zijn.
Hoewel ik mijn gitaar vandaag nog niet bij me heb, is het me wel gelukt om wat meer balans te vinden in mijn werk. Toch weet ik dat het verhaal de komende dagen veel intenser zal worden, en dat ik vanaf morgen ga beginnen met het verschuiven van meubels. Hoewel ik daarnaar uitkijk, weet ik dat het me waarschijnlijk snel zal uitputten, dus het is belangrijk dat ik de balans behoud. 

Ter inspiratie lees ik boeken van De Sade. Ook heb ik een ingelijste werk van Hans Bellmer op mijn bureau staan.

Dag 3 - Woensdag 27 maart
Vandaag ben ik begonnen met het verschuiven van de meubels. In eerste instantie was ik hier vrij voorzichtig mee, maar ik kwam al snel tot de conclusie dat ik radicaler te werk moest gaan. Ik heb onder andere de tafel op zijn kant gezet en heb het bankje gevuld met bestek, servies en boeken. Ook heb ik twee lampen op een spiegel gericht, zodat het licht op een onnatuurlijke manier door de kamer wordt verspreid.

Het schrijven zelf was vandaag iets moeilijker dan verwacht. Ik heb wat tijd nodig om te reflecteren op wat ik de afgelopen dagen heb geschreven. Toch ben ik productief geweest. Ik heb zo’n 2000 woorden geschreven.

Morgen zal ik kijken of ik de chaos in de ruimte nóg groter kan maken.



Dag 4 - Donderdag 28 maart
Vandaag heb ik de inrichting van het atelier opnieuw aangepast; ditmaal heb ik de meubels tegen de rechtermuur geplaatst, om zo met het idee van zwaartekracht te experimenteren. Het schrijven ging goed. Wel moet ik opnieuw constateren dat ik, om de kwaliteit van het verhaal te behouden, het aantal woorden per dag wat lager moet houden. Ik heb dus zo’n 2500 woorden geschreven. 

Het lukt mij goed om in de juiste mindset te komen, waardoor ik denk dat het mij vanavond goed zal lukken om mijn werk- en denkproces te beschrijven.

Dag 5 - Vrijdag 29 maart|
Dit is mijn laatste dag in het atelier. Ik heb mijn novelle voor de helft afgekregen. Hoewel ik in eerste instantie had verwacht dat ik binnen de vijf dagen het volledige werk had kunnen afronden, ben ik alsnog erg blij met de 10.000 woorden die ik heb. 

Deze manier van werken was voor mij erg interessant en intens; het kluizenaarsbestaan kwam het werk ten goede. 

Ik weet nog niet of ik deze werkwijze in de toekomst vaker zal toepassen, of dat ik terug zal gaan naar een meer gematigde aanpak.