MAHLER EN TSJAIKOVSKI’S ‘PATHÉTIQUE’

MAHLER EN TSJAIKOVSKI’S ‘PATHÉTIQUE’

Hartstocht, liefdesverdriet en berusting lopen als een rode draad door dit programma. Bij Wagner loopt dat als vanzelf uit op een verzengend liefdesdrama: liefde tot in de dood, aangrijpend en huiveringwekkend, voor minder doet hij het niet. De altijd zoekende Mahler is menselijker, warmer en troostrijker. Tsjaikovski zoekt het meer in geheimzinnigheid en dubbele bodems. Hij componeerde zijn ‘Pathétique’ op basis van een plan ‘dat voor iedereen geheim moest blijven’. De ingrediënten: impulsieve hartstocht, een Russisch requiem, theatraliteit, onverholen neuroses, angsten en wanhoop. De symfonie eindigt berustend. De ongrijpbare Tsjaikovski was tevreden: ‘Ik beschouw het als het beste en meest openhartige werk uit mijn oeuvre.’