Openingsconcert IKFU

Openingsconcert IKFU

Het 16e Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht start met een feestelijk concert waarbij vrijwel alle festivalmusici aantreden. De avond begint met een fenomenaal werk dat weinig wordt uitgevoerd: het Allegro voor vier strijkkwartetten van Johannes van Bree, een van de grootste negentiende-eeuwse Nederlandse musici. Bovendien hoogst origineel: niet minder dan vier strijkkwartetten voeren een dialoog met elkaar. Ontstond Van Brees tour de force in 1845, twintig jaar eerder had ook de jonge Mendelssohn zich gewaagd aan een experiment ‘strijkkwartet plus’: hij combineerde er twee. Felix was nog maar zestien en zijn leraar Zelter oordeelde dat zijn pupil nu een stuk had voltooid met ‘handen en voeten’. En hij had gelijk: Mendelssohns Octet geldt tegenwoordig als schoolvoorbeeld en referentiepunt voor deze bezetting. Na de pauze klinkt Dvořáks Pianokwintet, waarvoor ook meesterpianist Lars Vogt aantreedt. Antonín Dvořák schreef dit werk na een eerdere mislukte poging en leverde ermee een van de fraaiste laatromantische kwintetten af. Waarbij hij het beste uit twee werelden combineerde: aan de ene kant de grote Duits-Oostenrijkse traditie en anderzijds de Tsjechische folklore met zijn gloedvolle melodieën.