STER Advertentie

La Double Vie de Véronique (Pools: Podwójne życie Weroniki) (Polen/Frankrijk/Noorwegen 1991). Drama van Krzysztof Kieslowski. Dubbelportret van Weronika in het Poolse Krakau en haar dubbelganger Véronique in Frankrijk. De beide meisjes worden op dezelfde dag geboren, weten niet van elkaars bestaan, lijden aan dezelfde hartkwaal, zijn beiden muzikaal. Op het moment dat de een sterft krijgt de ander een cassettebandje van een mysterieuze onbekende, met aanwijzingen waarmee ze aan een speurtocht begint. Kieslowski wilde, zo blijkt uit een gesprek in het interviewboek 'Kieslowski on Kieslowski', een film maken over muziek en intimiteit.



Of iedereen deze intrigerende maar bepaald niet gemakkelijk te doorgronden film begrijpt als film over muziek en intimiteit is de vraag, want zoals vaker in de films van Kieslowski ziet het er allemaal heel realistisch uit (hij maakte eerder in zijn carrière vooral documentaires, en die stijl heeft hij altijd vastgehouden) maar hij laat zonder bezwaar de nodige losse eindjes zitten, hanteert dubbele bodems en doet de ondoorgrondelijkheid en meerduidigheid van het leven zoals het is graag alle recht.

Kieslowski werkte sinds 1983 samen met de Poolse componist Zbigniew Preisner, over wie hij eens zei: ‘Preisner is een uitzonderlijke componist; hij wil vanaf het begin bij een film betrokken zijn, en niet pas gaan werken als alle beelden al zijn vastgelegd en de componist alleen nog maar wat illustratieve muziek hoeft te verzinnen. Hij denkt mee over de dramatiek van een film, over hoe je met muziek iets kunt zeggen wat niet in de beelden zichtbaar is. Op zoek naar iets wat niet afzonderlijk in de muziek of in de film aanwezig is, maar wel in de combinatie van de twee. Dan ontstaat er iets van waarde, een sfeer.’

Preisner studeerde kunstgeschiedenis en filosofie, maar ging zich toeleggen op componeren vanaf zijn 22e. Internationale bekendheid kreeg hij vooral door de zeventien scores die hij schreef voor de Kieslowski-films, zoals Dekalog (1987-88), La double vie de Véronique (1990), Trois Couleurs: Bleu (1993), Trois Couleurs: Blanc (1994) en Trois Couleurs: Rouge (1994). De soundtrack van La double vie de Véronique was voor die tijd, begin jaren ’90, een ongekend commercieel succes, miljoenen keren werd de CD verkocht.

Om deze spotify playlist te luisteren moet je toestemming geven voor social media cookies.

Interessant, maar ook ingewikkeld, aan de muziek is dat diëgetische en non-diëgetische muziek naast elkaar bestaat en in zekere zin in elkaar ‘overloopt’. Diëgetische muziek is muziek die ‘in het verhaal’ van de film zit (en dus door de personages gehoord wordt), non-diëgetische muziek is de muziek die van een bron ‘buiten’ de film afkomstig is, die de beelden begeleidt voor ons als toeschouwers. In La Double Vie de Véronique wordt muziek gespeeld van een fictieve Nederlandse componist, Van den Budenmayer. De hoofdpersoon (Weronika) zingt werk van die componist, en muziek van deze fictieve Budenmayer wordt in de film ook afgespeeld op een grammofoonplaat. Het thema van die diëgetisch gebruikte muziek komt later terug als non-diëgetische muziek (en dan is de componist dus de wérkelijke componist, Preisner; die natuurlijk in werkelijkheid ook de componist is van de muziek die in de film wordt toegeschreven aan Budenmayer). Die switch wordt gemaakt als de zangeres (de Poolse Weronika) tijdens haar eerste concert, waar ze die muziek zingt, instort en overlijdt; als de focus van de film dan verschuift naar de Franse Véronique verandert de muziek van diëgetisch naar non-diëgetisch: je hoort als toeschouwer de muziek wel, maar voor de personages in de film bestaat die muziek op dat moment niet.