Concert

Karina Canellakis dirigeert Kát’a Kabanová

foto: Simon van Boxtel
  1. Concertenchevron right
  2. Karina Canellakis dirigeert Kát’a Kabanová

Chef-­dirigent Karina Canellakis dirigeert de tweede opera in onze Janáček­cyclus: de fenomenale tragische opera Kát’a Kabanová, die teruggaat op een Russisch toneelstuk.

Speellijst is niet beschikbaar.

Opnamedatum

zaterdag 26 maart 2022

Omroep

NTR

Componisten

Leos Janácek

Uitvoerenden

Karina Canellakis (Dirigent), Amanda Majeski (Kát'a Kabanová - sopraan), Katarina Dalayman (Marfa Kabanová (Kabanicha) - mezzosopraan), Edgaras Montvidas (Boris Grigorjevic - tenor), Clive Bayley (Savjol Prokofjevic Dikoj - bas), Marcel Beekman (Tichon Kabanov - tenor), Boris Stepanov (Vána Kudrjás - tenor), Anna Lapkovskaja (Varvara - mezzosopraan), Tim Kuypers (Kuligin - bariton), Esther Kuiper (Glasa - mezzosopraan), Lotte Verstaen (Feklusa - alt)

Tijdperken

Vroeg twintigste eeuw

Locatie

Concertgebouw, Amsterdam

Radio Filharmonisch Orkest
Groot Omroepkoor

Karina Canellakis dirigent
Krista Audere koordirigent

Janáček Kát'a Kabanová

Lees de recensie in Het Parool, NRC, Volkskrant en Place de l'Opera

NTR ZaterdagMatinee - Karina Canellakis dirigeert Kát’a Kabanová

Karina Canellakis dirigeert Kát’a Kabanová

Chef-­dirigent Karina Canellakis dirigeert de tweede opera in onze Janáček­cyclus: de fenomenale tragische opera Kát’a Kabanová, die teruggaat op een Russisch toneelstuk.

De tragiek van de titelheldin

‘Aus einem Guss’, zo zou je deze opera van Janáček kunnen typeren, uit één stuk gegoten. Hoe divers de ingrediënten ook lijken – Moravische volksmuziek, pathetiek van Tsjaikovski, mysteriositeit van Debussy – in Kát’a Kabanová leidt alles onontkoombaar naar het tragische einde van de titelheldin, in één muzikale maalstroom. Gevangen in een liefdeloos huwelijk, geterroriseerd door een schoonmoeder en verlaten door haar geheime geliefde kiest Kát’a voor de vrijwillige dood. Janáček schreef deze opera toen hij 67 jaar oud was, maar hij werd hiervoor geïnspireerd door zijn eigen onbereikbare geliefde, Kamila Stösslová.

Kát’a Kabanová veroverde de wereld

Zijn opera’s zijn deels gebaseerd op het Tsjechische en Moravische spraakritme, een techniek die de componist bij zowel Wagner en Moesorgski als bij Debussy had geleerd. Maar ondanks de dialoogvorm domineert eigenlijk het lyrisch-dramatische cantabile het vocale klankbeeld. Dit, in combinatie met sterk ritmische passages en verrassende maatwisselingen, maakt hem een van de grote modernisten van de jaren tussen de twee wereldoorlogen. Met de première in 1921 in de Moravische hoofdstad Brno begon de zeer langzame verovering van de internationale operawereld. Nu valt Kát’a niet meer weg te denken uit het grote repertoire.


Ster advertentie
Ster advertentie