60 jaar ZaterdagMatinee De meest memorabele concerten uit het omroeparchief

STER Advertentie

Op 19 oktober 1996 treedt de Italiaanse Renata Scotto (*1934) voor het eerst sinds 1963 in Nederland op. In de Matinee zingt zij Chausson en het melodrama La voix humaine van Poulenc. Niet meteen het repertoire waar je haar mee zou vereenzelvigen, maar de mono-opera is de sopraan als op het lijf geschreven.

Ruim drie kwartier spanning

Emile Wennekes, schrijvend voor NRC Handelsblad, zag in 1996 Scotto’s eigenlijke Nederlandse debuut – in 1963 voor de AVRO met Giuseppe di Stefano – even over het hoofd. Niet zo gek: internet stond toen nog in de kinderschoenen (dank aan een lezer van deze site voor die aanvulling!). Maar zijn recensie van het Matineeconcert was mooi: “Zaterdag maakte de 62-jarige Italiaanse sopraan in de Matinee haar late Nederlandse debuut met onder meer een bewonderenswaardige interpretatie van Francis Poulencs melodrama La voix humaine, gebaseerd op een gelijknamige toneeltekst van Jean Cocteau. Krols krullend op een chaise-longue, manisch ijsberend, wanhopig kruipend, berustend uitblazend – La Scotto verbeeldde en verklankte gracieus de waaier van emoties die voorbijkomt als een verlaten vrouw een laatste telefoongesprek voert met haar ex-geliefde. Tot de telefoondraad zich fataal om haar nek krult. Het is geen geringe prestatie in een drie kwartier durende monoloog (het publiek blijft in het ongewisse over de antwoorden van de man aan de andere kant van de lijn) de spanning vast te houden met een zangpartij die sterk syllabisch is gezet en slechts een enkele vocale uitschieter kent. […] Zij kan de rol stemtechnisch zonder veel problemen aan, en ook toneelmatig overtuigde zij.”

Beluister het concert

Radio Filharmonisch Orkest
Louis Langrée, dirigent
Renata Scotto, sopraan

Ravel - Pavane pour une infante défunte
Chausson - Poème de l’amour et la mer
Poulenc - La voix humaine

‘The last of the divas’

Renata Scotto, tien jaar jonger dan haar grote voorbeeld Maria Callas, is volgens sommigen ‘the last of the divas’. Anders dan van Callas is veel beeldmateriaal van haar bewaard gebleven: zij is veelvuldig op televisie te zien. In de jaren zeventig is zij eigenlijk dé sopraan in de Metropolitan Opera in New York, en zij zou dat blijven tot haar laatste optreden als Madama Butterfly in 1987.

Op haar achttiende debuteert Scotto in haar geboortestad Savona als Violetta in La traviata van Verdi. Een dag later zingt zij diezelfde rol in het Milanese Teatro Nuovo, en onmiddellijk engageert La Scala haar als Walter in La Wally van Catalani, naast Renata Tebaldi en Mario del Monaco. Voor haar relatief kleine rol krijgt zij vijftien open doekjes; haar vermaarde tegenspelers ‘slechts’ zeven. Op 3 september 1957 vervangt zij met succes Callas in Edinburgh, als Amina in La somnambula van Bellini. Ze heeft niet meer dan twee dagen om de rol in te studeren.

Renata Scotto
Renata Scotto in de jaren 60. Foto: ANP Kippa

“Ik ben een actrice, maar ook een zanger”, aldus Renata Scotto in 1978 in een interview met de New York Times. “Zelfs als ik sterk betrokken ben bij een karakter, vergeet ik niet dat ik op het podium sta. Als ik mijzelf onder bedwang houd, ga ik nooit overboord. Als ik mijzelf niet onder controle houd, word ik gek. Ik herinner mij de eerste keer dat ik [Puccini’s] Butterfly zong: ik begon te huilen. Ik was kapot.”

De Italiaanse opera is haar fort, maar zij zingt ook geregeld Frans repertoire. Vooral later in haar loopbaan richt zij zich ook op niet-Italiaanse rollen, van Wagner (Kundry) tot Strauss (Marschallin, en zelfs Klytämnestra). Zij begint uiteindelijk te regisseren, opera’s die zijzelf gezongen heeft (“anders kun je een opera niet kennen”), en maakt graag haar eigen kostuums – onder andere voor haar rol als Butterfly in Verona – zelf.

Omslag: Nguyen Dang Hoang Nhu